Leescoalitie: haast maken met leesoffensief voor jeugd

Foto: Afbeelding van Pezibear via Pixabay

Het is zaak om nu echt haast te maken met het zogenoemde Leesoffensief. Dat is een landelijk actieprogramma om jongeren plezier te laten krijgen in het lezen en ze te motiveren om het vaak te doen.

Dat is een oproep van Gerlien van Dalen, spreekbuis van de Leescoalitie. “Het is nu echt hoog tijd.” De coalitie bestaat uit de Stichting Lezen, CPNB, de Stichting Lezen en Schrijven, het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum, bibliotheken en het Nederlands Letterenfonds.

Op de onderbouw van het vmbo en havo zijn grote leerachterstanden door de coronacrisis. Dat meldde demissionair onderwijsminister Arie Slob donderdag. Vmbo-leerlingen lopen nu naar schatting gemiddeld een heel schooljaar achter met Nederlandse leesvaardigheid. Gemiddeld lopen leerlingen van de middelbare school 27 lesweken achter met leesvaardigheid. Slob en zijn collega Ingrid van Engelshoven willen zo’n leesoffensief zelf ook al langer. Echter is het stimuleringsprogramma er nog steeds niet. “Het is nu wachten op een nieuw kabinet,” zegt Van Dalen, directeur van de Stichting Lezen.

Ernstige cijfers 

Ze noemt de cijfers van donderdag “heel ernstig”. “We weten al dat jongeren steeds minder lezen en er steeds minder plezier in hebben. Bijna een kwart van de 15-jarige vmbo’ers liep al de kans om laaggeletterd door het leven te moeten.” De tegenvaller van donderdag kan er dus eigenlijk niet ook nog eens bij. “We moeten nu alles op alles zetten.”

“Jongeren in het vmbo en de zwakke lezers moeten worden ondersteund en gestimuleerd,” zegt Van Dalen. “Thuis hebben ze niet altijd boeken voorhanden, dus zijn schoolbibliotheken met een aantrekkelijk aanbod juist voor deze scholieren van groot belang. Toch zijn die nou net bij deze vorm van onderwijs vaak niet te vinden.”

Een taak voor de leerkracht

“Leerkrachten moeten er niet alleen meer tijd en aandacht aan geven,” stelt Van Dalen. “Ze moeten ook uitzoeken wat er bij hun leerlingen past en met ze praten over wat ze lezen. En niet alleen bij Nederlands, maar ook bij andere vakken moet aandacht worden besteed aan leesvaardigheid.”

Volgens haar nemen wel steeds meer onderwijskrachten en ook bibliothecarissen deel aan speciale opleidingen en cursussen om scholieren aan het lezen te krijgen.