Caty Breeman is 62 jaar en woont in Stellendam. Ze heeft
altijd in de horeca gewerkt en een paar jaar schoongemaakt. Maar nu doet ze
iets waar haar hart van overloopt.
Door Sam Fish
Caty’s Pakhuis is een voedselkastje, voedselbank en
speelgoedwinkel in één. Dat begon zo’n 15 à 16 jaar geleden. “Er kwam een vrouw
over de vloer om mijn gordijnen te verstellen”, vertelt Caty. “We raakten aan
de praat en de vrouw vertelde dat ze eigenlijk niet veel had. Ik vroeg daarop
wat ze nodig had en zo zijn we haar gaan helpen. Dat begon met tandpasta en
andere kleine kinderen. En dat is langzaamaan gaan groeien. Ik zette een
boodschappenkast neer op onze oprit, want deze vrouw kon niet de enige zijn die
het moeilijk had. En dat werd steeds groter, zeker na corona. Op dit moment
helpen we 16 gezinnen structureel.”
Deze 16 gezinnen krijgen elke week een boodschappentas vol
eten en andere benodigdheden. Daarin zitten drie verse maaltijden, brood,
houdbare boodschappen en fruit. Het is genoeg om zes dagen van te kunnen leven.
Deze tassen zijn aangepast naar het aantal mensen in het gezin en wat ze lekker
vinden. “Als we mensen dingen gaan geven waar ze niets mee kunnen, dan heeft
onze hulp nog steeds geen nut. Dus we vragen vooraf wat ze lekker vinden, of er
allergieën zijn of andere dieetwensen. En daar gaan we vervolgens mee aan de
slag”, legt Caty uit. “De 16 gezinnen die we nu helpen is wel echt het
maximale. We helpen hen een half jaar, daarna bouwen we af en wordt er een plan
gemaakt zodat ze terug op eigen benen kunnen staan.”
Hulp
In principe doet Caty het alleen, maar ze krijgt hulp uit
alle hoeken. Daardoor kan de voedselkast op de oprit gevuld blijven voor de
gezinnen die nog wachten op hulp door middel van de boodschappentassen. “In de
voedselkast liggen houdbare producten, maar ook groente en fruit en in de
vriezer ligt vlees. Daarvoor kunnen mensen aanbellen”, laat Caty weten. “En als
iemand iets specifieks nodig heeft, dan kunnen we dat altijd bestellen.”
De hulp die Caty krijgt komt in de vorm van geld en andere
bijdragen. “Er is iemand die elke week de kast komt opruimen en aanvullen”,
vertelt ze. “Maar eigenlijk helpt het hele dorp mee door spullen te doneren.
Soms komt er ineens een vol zegelboekje door de brievenbus, of zet iemand een
lading statiegeldblikjes en -flessen in de tuin.” Maar het mooiste is nog dat
mensen die zelf hulp nodig hadden, uiteindelijk terugkomen om zelf te helpen.
“Bijvoorbeeld de vrouw van de gordijnen die tandpasta nodig had. Zij komt nu
elk jaar tandenborstels en tandpasta brengen. Dat laat heel goed zien dat het
werkt en dat er goedheid in de mensen zit.”
Daarnaast zijn er ook veel bedrijven die een steentje
bijdragen om de mensen te helpen. Zowel in Stellendam als in de omliggende
dorpen wordt er geholpen. Zo zijn er vrijwilligers die langs adressen gaan om
van alles te verzamelen voor in de tassen en voedselkast. “Zonder hen kan ik
dit niet doen”, weet ook Caty. “Sommige bedrijven willen niet genoemd worden en
ik wil niet namen gaan noemen en iemand daarin vergeten. Maar via deze weg wil
ik iedereen die helpt, op welke manier dan ook, bedanken. Je weet wie je bent
en ik ben jullie enorm dankbaar.”
Stichting
Wat Caty doet in Stellendam is prachtig, maar het is niet
uniek. Op diverse plekken op het eiland staan inmiddels voedselkastjes. Daarin
kunnen mensen producten zetten die ze zelf niet nodig hebben. Ook mogen ze
natuurlijk iets meenemen wat ze wel goed kunnen gebruiken. Zo helpen mensen
elkaar. De mensen die die voedselkastjes organiseren lopen echter allemaal
tegen dezelfde dingen aan. Het is te druk, dus de kastjes zijn snel leeg en er
is geen geld om het aan te vullen.
Daarom is er anderhalf jaar geleden een stichting opgericht
met hulp van de gemeente. “Mensen kunnen bij die stichting geld doneren. Dat
kan voor een dorp naar keuze of in het algemeen. Elke maand wordt dat
gedoneerde geld omgezet in boodschappen bonnen die bij supermarkten besteed
kunnen worden. Zo kunnen de organisatoren van de kastjes deze weer aanvullen en
mensen blijven helpen.”
En dat is niet alles. De stichting heeft een ANBI status
waardoor het gedoneerde bedrag afgetrokken mag worden van de inkomsten- of
vennootschapsbelasting. Dat is voor donateurs dus heel fijn. Maar door de ANBI
status mogen de beheerders van de voedselkasten ook aankloppen bij het
Armoedefonds. Daar kunnen ze elke maand een hygiënepakket aanvragen dat over de
kasten verdeeld wordt.
Speelgoedwinkel
Maar naast de boodschappenhulp heeft Caty ook een eigen
speelgoedwinkel. “Dat speelgoed komt van de groothandel en heb ik gewoon
betaald. Een derde van de opbrengsten uit die speelgoedwinkel gaat naar nieuw
speelgoed. De rest gaat naar de boodschappen”, vertelt Caty. “In de
speelgoedwinkel kunnen kinderen spullen verzamelen voor hun verjaardag. Die
cadeautjes worden dan verzameld in een aparte doos en de visite kan dan hier
een cadeautje uit de doos uitkiezen en betalen. Maar mensen kunnen ook gewoon
een cadeautje komen halen en er zijn zelfs cadeaubonnen. Die kunnen hier
gekocht en weer ingeleverd worden.”
Gezinnen die een boodschappentas krijgen van Caty, mogen ook
af en toe iets uit komen zoeken in de speelgoedwinkel. “Bijvoorbeeld als ze hun
zwemdiploma hebben gehaald. En soms doe ik er iets kleins bij in hun
boodschappentas.”
Maar ook daar houdt het nog niet op. Onlangs won Caty bij de
Postcode Loterij een gratis uitje. “Ik heb dat uitje gegeven aan een gezin dat
het zwaar heeft. De kinderen gaven aan dat ze graag eens naar een legermuseum
zouden gaan. Met het uitje kon ik kaartjes krijgen voor het Nationaal Militair
Museum in Zoest. Dus die heb ik aan hen gegeven en dan zorg ik er ook nog voor
dat ze er kunnen komen. Dus ik geef wat geld voor de benzine of ik rij zelf met
hen.”
Help mee
Wat Caty doet is natuurlijk fantastisch, maar om het te
kunnen blijven doen heeft ze hulp nodig. “Ik heb heel veel mensen die me helpen
bij het vullen van de tassen en kast. Maar soms heb ik iets anders nodig dan
dat. Zeker met de feestdagen die eraan komen doe ik graag wat extra’s voor de
gezinnen die het moeilijk hebben”, vertelt Caty. “Boodschappen, cadeaukaarten,
ze zijn allemaal welkom. Maar de Postcode Loterij heeft ook weer de
vegetarische cadeaubonnen verstuurd. Daarmee kun je verse producten kopen. Heb
jij zo’n kaart gekregen en gebruik je hem niet? Dan zou ik hem heel graag zelf
gebruiken om de gezinnen die het nodig hebben net wat extra’s te kunnen geven.
Je maakt mij, en hen, er enorm blij mee.”
Wil je helpen, maar heb je die kaart niet en heb je ook geen
tijd om boodschappen af te leveren? Dan kun je natuurlijk altijd een donatie
doen aan de Stichting Voedselkastjes Goeree-Overflakkee. Zoals gezegd kun je
daar een algemene donatie doen of een donatie voor een specifiek dorp. “Als
iedereen een kleine donatie doet, dan wordt het vanzelf een groot bedrag. En zo
helpen we samen de mensen die nét te veel verdienen om aan te kunnen kloppen
bij de Voedselbank. Samen kunnen we voor elkaar zorgen.”