Betaalbare huurwoningen verdwijnen van de markt

19 jan , 9:31 Wonen
woning wonen huur huurtoeslag
PR Belastingdienst

Huurprijzen stijgen en het aanbod in de vrije sector blijft beperkt, wat de druk op woningzoekenden verder opvoert.

De vrije sector huurmarkt bleef ook in het vierde kwartaal van 2025 krap, blijkt uit een analyse van woningplatforms Pararius en Huurwoningen.nl. Hoewel een huurwoning iets minder reacties kreeg dan in eerdere kwartalen, is de concurrentie tussen huurders nog steeds hoog. Gemiddeld ontving een vrije sector huurwoning 31 reacties en stond 18 dagen online. De gemiddelde huurprijs per maand lag op 1.838 euro.

De cijfers laten zien dat er een groeiende kloof ontstaat. De meeste woningzoekenden richten zich op het betaalbare deel van de vrije sector, terwijl het beschikbare aanbod steeds vaker in hogere prijsklassen ligt.
In het vierde kwartaal van 2025 werden 14.698 vrije sector huurwoningen gepubliceerd. In diezelfde periode werden 15.188 woningen afgemeld. Daarmee verdwenen er per saldo opnieuw meer huurwoningen dan erbij kwamen. Het beschikbare aanbod in de vrije sector nam daardoor verder af.

“Zolang er meer woningen worden verhuurd dan erbij komen, is dit slecht nieuws voor woningzoekenden. Wat beschikbaar komt, is vaak te duur en snel weer van de markt. De markt gaat feitelijk steeds meer op slot.”, zegt Jasper de Groot, directeur van Pararius.

Aanbod per prijssegment

Het aanbod van vrije sector huurwoningen is de afgelopen jaren niet alleen kleiner geworden, maar ook duidelijk veranderd van samenstelling. Het aantal woningen met een huurprijs onder 1.500 euro per maand is sinds 2021 sterk afgenomen en ligt nu structureel lager dan in de jaren voor 2024. Het meest betaalbare deel van de huurmarkt staat daardoor onder grote druk.

Tegelijkertijd nam het aanbod in de hogere prijsklassen toe. Het aantal huurwoningen boven 2.000 euro per maand groeide gestaag, terwijl het segment tussen 1.500 en 2.000 euro per maand relatief stabiel bleef. Hierdoor zijn de verschillende prijssegmenten steeds dichter naar elkaar toe gegroeid.

Per saldo is het huuraanbod in vergelijking met enkele jaren geleden duidelijk veranderd. Waar het aanbod vroeger vooral bestond uit betaalbare woningen, is dat segment nu sterk gekrompen en zijn de hogere prijssegmenten veel prominenter aanwezig.

Huuraanbod steeds korter online

Vrije sector huurwoningen verdwijnen nog altijd snel van de markt. In het vierde kwartaal van 2025 stond een woning gemiddeld 18 dagen online, één dag korter dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder.

De tijd dat huurwoningen online beschikbaar zijn is de afgelopen jaren sterk afgenomen en blijft sinds het vierde kwartaal van 2021 laag. Met af en toe kleine uitschieters blijven woningen gemiddeld kort te huur. Dat beeld veranderde in 2025 niet. De uitschieters laten de turbulentie zien rond de invoering van de Wet betaalbare huur in juli 2024. In die periode veranderde de samenstelling van het aanbod, omdat vooral kleinere, goedkopere woningen sneller werden verhuurd en verdwenen van de markt. De grotere en duurdere woningen bleven over en stonden langer online.

Vraag en aanbod per prijsklasse

Woningen met een huurprijs tussen 1.185 en 1.500 euro per maand vormden in het vierde kwartaal van 2025 iets meer dan een kwart van het beschikbare aanbod, maar kregen ruim 40 procent van alle reacties. In deze prijsklasse is de vraag dus duidelijk groter dan het aanbod.

Ook in de prijsklasse van 1.500 tot 2.000 euro per maand lag het aantal reacties relatief hoog. Deze woningen maakten ongeveer 34 procent van het aanbod uit, terwijl er circa 39 procent van de reacties op werd uitgebracht.

In de hoogste prijsklasse, met huurprijzen boven 2.000 euro per maand, viel in het vierde kwartaal van 2025 ongeveer 40 procent van het aanbod in deze categorie, terwijl 21 procent van de reacties hierop werd uitgebracht. Een jaar eerder lag het aandeel van dit duurdere aanbod lager, op ongeveer 33 procent, terwijl toen circa 16 procent van de reacties naar deze prijsklasse ging. Daardoor is het aanbod in dit segment sterker gegroeid dan de belangstelling, waardoor de verhouding tussen vraag en aanbod verder uit elkaar is komen te liggen.

Deze vergelijking laat zien dat de druk op de vrije sector niet alleen te maken heeft met het aantal woningzoekenden, maar vooral met de ongelijke verdeling tussen vraag en aanbod per prijsklasse. Hierdoor wordt het voor steeds meer huishoudens lastiger om een geschikte huurwoning te vinden.

Huurprijzen blijven stijgen

Nieuwe huurders betaalden in het vierde kwartaal van 2025 opnieuw meer per vierkante meter voor een vrije sectorwoning dan een jaar eerder. Landelijk kwam de gemiddelde huurprijs uit op 20,65 euro per vierkante meter, 8,3 procent hoger dan vorig jaar. De prijsdruk in de vrije sector blijft daarmee hoog.

In alle vijf grootste Nederlandse steden steeg de vierkante meterprijs. Amsterdam blijft de duurste stad van Nederland met een gemiddelde prijs van 28,68 euro per vierkante meter, een toename van 9,1 procent ten opzichte van een jaar eerder. Ook in Rotterdam (22,35 euro, +11,2 procent) en Eindhoven (19,72 euro, +13,8 procent) namen de prijzen toe. Den Haag (21,52 euro, +5 procent) en Utrecht (21,95 euro, +4,8 procent) volgden een vergelijkbaar patroon met iets gematigder stijgingen.

Ook in de meeste middelgrote steden was in het vierde kwartaal van 2025 een stijging van de gemiddelde huurprijs per vierkante meter zichtbaar.