De Jonge Spartaan is al maanden ongeslagen en mengt zich volop in de strijd om de periodetitel. Met nog drie duels te gaan, is alles nog mogelijk.
Jop van Gils
De Jonge Spartaan is bezig aan een sterk seizoen in de
tweede klasse. De ploeg uit Middelharnis, die vorig jaar nog promoveerde vanuit
de derde klasse, is inmiddels opgeklommen naar een knappe derde plek op de
ranglijst. Daarmee doen de Spartanen volop mee in de strijd om de (laatste)
periodetitel, die recht kan geven op nacompetitie voor promotie naar de eerste
klasse.
Het seizoen kende aan het begin van de competitie een
wisselvallige start, waarin De Jonge Spartaan nog onderin de ranglijst
verkeerde. Maar sinds 15 november verloor de ploeg uit Middelharnis geen
wedstrijd meer en is het team in uitstekende vorm. Met nog drie duels te gaan
zal de selectie van trainer Ben Mierop er alles aan doen om die lijn door te
trekken en proberen zij nog de periodetitel binnen te halen.
Kansen
niet benut in eerste seizoenshelft
Trainer Mierop zag dat zijn ploeg het seizoen wisselvallig
begon, maar benadrukt dat het spel in die fase niet per se slecht was. Volgens
hem lag het probleem vooral in het benutten van kansen en de intensiteit binnen
het team.
“We speelden aan het begin van de competitie niet slecht voetbal,” zegt hij.
“In de bekerperiode speelden we ook tegen grotere clubs en dat konden we gewoon
aan. Dus we wisten dat het niet aan ons spel lag.”
Toch vielen de resultaten voor De Jonge Spartaan in de
eerste seizoenshelft tegen. “We kwamen moeilijk tot scoren en hadden te veel
kansen nodig om tot een goal te komen,” legt Mierop uit. Daarnaast miste hij
nog iets in de beleving binnen de ploeg. “Ik vind ook dat je met een bepaalde
intensiteit moet spelen, en ik vond dat de groep daar nog niet was.”
Volgens Mierop zat het puntenverlies ook in die fase vooral
in het niet over de streep trekken van wedstrijden, ondanks het spel en de
inzet van zijn ploeg.
“Dat zit hem in de beleving,” zegt hij. “Dan krijg je hem net niet over de
streep en dat is donders vervelend, want die jongens verdienden dat.”
De trainer zag dat de intensiteit op trainingen hoog lag en
dat zijn ploeg vaak goed voetbalde, maar dat het vertrouwen gaandeweg afnam.
“Dan sluipt er toch onzekerheid in. Van: het zal toch niet dat we weer…. En dan
zakt het vertrouwen om te scoren ook weg.”
Ook kreeg De Jonge Spartaan in die fase regelmatig
doelpunten tegen in de slotfase van wedstrijden. Volgens Mierop gaf dat een
vertekend beeld van de prestaties. “Als je alleen naar de ruststanden kijkt,
hadden we in de winterstop vierde gestaan. Dan kruipt er toch iets in een ploeg
wat je soms niet kunt uitleggen.”
In de tweede seizoenshelft wist de ploeg dat om te draaien. “Als je denkt dat
het weer misgaat, dan gebeurt het ook. Dat hebben we na de winterstop een stuk
beter gedaan.”
Ommekeer
in de tweede seizoenshelft
Volgens Mierop zegt de sterke tweede seizoenshelft veel over
de mentaliteit binnen zijn selectie. De trainer ziet al langer dat de groep
bereid is om ver te gaan om te presteren.
“Dat zegt mij eigenlijk al sinds ik trainer ben van De Jonge Spartaan,” legt
hij uit. “Ze zijn echt bereid om er alles voor te doen.”
Volgens hem is dat terug te zien in de manier waarop de
spelers met hun sport bezig zijn. “Ze zijn anders bezig met een warming-up,
letten meer op voeding en zijn ook buiten het voetbal meer met hun lichaam
bezig.”
De ambitie binnen de groep speelt daarin een belangrijke
rol. “Deze groep wilde heel graag iets unieks presteren. Dat is vorig jaar al
gelukt met de promotie naar de tweede klasse.”
Ook in het huidige seizoen bleef het vertrouwen aanwezig, ondanks een moeizame
start.
“Vanaf de eerste training had ik het gevoel al dat wij er
niet uit zullen gaan. Bijna een beetje ‘over je lijk’ mentaliteit.”
Volgens Mierop is juist dat vertrouwen kenmerkend voor zijn
ploeg. “We moeten in een bubbel blijven. Ze blijven heel dicht bij elkaar. Het
kan daarin flink donderen, maar altijd met respect en met elkaar.” Die
onderlinge band heeft volgens hem uiteindelijk gezorgd voor de ommekeer.
“In mijn beleving hebben ze het helemaal omgedraaid en doen we nu weer volop
mee in de competitie.”
Volgens Mierop heeft de lange ongeslagen reeks vooral te
maken met het aanpassen aan het hogere niveau van de tweede klasse. In het
begin van het seizoen lag het tempo simpelweg nog te hoog voor zijn ploeg.
“We gingen voor het eerst in de tweede klasse spelen en het spel ging één of
twee seconden te snel voor ons,” legt hij uit. “Dat is ook niet gek, want veel
van onze spelers speelden voor het eerst op dit niveau.”
In de winterstop maakte de trainer een duidelijke keuze
richting zijn selectie. “Ik heb toen gezegd: we kunnen twee dingen doen. Of we
blijven keihard trainen om dat verschil om te draaien, of we gaan een heel
seizoen roepen dat het te snel gaat en te moeilijk is.”
Voor de spelersgroep was de keuze snel gemaakt. “Er was eigenlijk maar één
optie,” zegt Mierop. “Vanaf dat moment is die opmars naar boven écht begonnen.”
Volgens de trainer zit het verschil nu vooral in het
handelen op het veld. “Die twee seconden die het eerst te snel ging, hebben we
omgedraaid. En dat zit niet alleen in snelheid, maar in alle
voetbalhandelingen. Daar ben ik het meest trots op.”
Succes
in zware reeks wedstrijden
De Jonge Spartaan werkte begin maart een zware reeks
wedstrijden af, maar wist daarin knap overeind te blijven. Zo werd er met 0-1
gewonnen van Terneuzense Boys, volgde een gelijkspel tegen Prinsenland, waarin
de ploeg lange tijd op voorsprong stond, en werd nummer twee SVOD’22
overtuigend met 3-0 verslagen.
Volgens Mierop zit het verschil niet zozeer in de
tegenstander, maar vooral in de manier waarop zijn ploeg de wedstrijden
benadert. “Het klinkt misschien gek, maar het maakt niet heel veel uit tegen
wie je speelt,” zegt hij. “Als je het maar net wat fanatieker en agressiever
aanpakt en overal een seconde sneller op reageert.”
De overwinning op SVOD’22 noemt hij daarbij het beste
voorbeeld. “Zij hebben echt een super goede aanval, misschien wel samen met DVV
’09 de beste van de competitie,” legt hij uit. “We hebben gezegd: we kunnen
allerlei manieren bedenken om ze te stoppen, maar dan krijgen ze alsnog kansen
omdat ze zo goed zijn.”
De keuze viel daarom op een andere aanpak. “We hebben ze zo
agressief onder druk gezet dat ze eigenlijk nooit bij hun voorste linie
kwamen,” zegt Mierop. “Dan zie je dat je zo’n ploeg gewoon kunt verslaan. We
waren die dag echt een klasse beter.”
Trots
op eigen selectie
Mierop benadrukt dat de prestaties van De Jonge Spartaan in
de schaduw van concurrent DVV ’09 soms wat onderbelicht blijven. Volgens hem
wordt daardoor weleens vergeten dat zijn ploeg het ook heel erg goed doet.
“Kijk, DVV ’09 doet het echt super en daarom vergeten mensen
weleens dat De Jonge Spartaan het eigenlijk ook echt super goed doet,” zegt
hij. “En op onze manier van hoe wij het willen doen ben ik gewoon heel trots van
waar we nu staan.”
Hij wijst daarbij op de manier waarop de club werkt met de
eigen selectie en jeugd. “Met de eigen jongens die we hebben, met hetzelfde
clubje jongens die het al seizoenen doen en ook met onze eigen jeugd die wij de
kans geven.”
Volgens de trainer staat dat in contrast met sommige
concurrenten. “Bij DVV ’09 hebben ze een aantal spelers
van buitenaf aangetrokken en wij hebben die mogelijkheden minder en doen
het gewoon met dat groepje wat al seizoenen lang tegen promotie aanhikte.”
Strijd
om periodetitel
Met nog drie wedstrijden te gaan maakt De Jonge Spartaan nog
volop kans op de periodetitel. Trainer Mierop wil echter niet te vroeg
vooruitkijken en waakt voor al te veel verwachtingen.
“We hebben nog drie lastige wedstrijden te gaan en daar ben
ik altijd voorzichtig mee,” zegt hij. “Er wordt nu al veel gepraat over die
periodetitel, maar dat gaat echt niet vanzelf. Daar moeten we hard voor
werken.”
Volgens Mierop zorgt die situatie niet voor extra druk
binnen zijn ploeg. Integendeel, hij ziet het juist als motivatie. “Of het extra
druk geeft denk ik niet. Het werkt juist als motivatie, waarin wij nog meer
gefocust zijn om die periode te pakken.”
Daarnaast benadrukt de trainer dat het niveau in de
competitie hoog ligt. “Deze competitie is echt heel sterk,” stelt hij. “De
ploegen zitten allemaal dicht bij elkaar, dus je kunt ervan uitgaan dat het
gewoon een sterke competitie is.” Wel ziet hij daarbij duidelijke verschillen
met één ploeg. “Behalve Yerseke, dat vind ik wel echt een mindere ploeg.”
Volgens Mierop wordt de tweede klasse bovendien sterker door
de samenstelling van de selecties. “Je ziet nu veel ploegen met spelers die op
divisieniveau hebben gespeeld. In de derde klasse had je soms één speler die
hoger had gevoetbald, maar nu kom je tegen teams met meerdere van dat soort
spelers.”
Eilandderby
in slotfase
De laatste competitiewedstrijd speelt De Jonge Spartaan een uitwedstrijd
tegen DVV ’09, de eilandderby die voor beide ploegen nog een beslissend duel
kan worden. Mierop kijkt met een nuchtere blik naar dat vooruitzicht.
“Ik ben er voor mezelf van overtuigd dat DVV ’09 dan al
kampioen is,” zegt hij. “Ik hoop dat wij dan nog ergens voor voetballen.”
Volgens de trainer is het duel lastig vooraf in te schatten. “Iedereen zegt dat
het een wedstrijd kan worden waarin alles beslist wordt, maar het kan ook
zomaar zijn dat DVV ’09 al kampioen is en het vooral voor ons van belang is.”
Mierop is duidelijk over hoe hij naar die mogelijke situatie
kijkt.
“Ik wil tegen het sterkste DVV ’09 spelen wat ze hebben, en
wij willen met ons sterkste team komen die wij hebben,” zegt hij. “Als je een
shirt aantrekt om een wedstrijd te spelen, dan moet je dat altijd op honderd
procent doen.”
De trainer benadrukt dat hij geen ‘hulp’ van andere ploegen
wil en daar ook niet op rekent. “Ik zou geen hulp willen en ik hoop eigenlijk
ook dat het niet nodig is.”
Volgens Mierop heeft zijn ploeg juist de Dirkslanders
geholpen met de overwinning op SVOD’22. “Sterker nog, als ik nu naar de stand
kijk en onze drie punten tegen SVOD’22 zie, dan denk ik dat wij DVV ’09
achteraf misschien meer hebben geholpen dan zij misschien zelf zullen
erkennen,” zegt hij.
Mierop verwacht in ieder geval geen eenvoudige wedstrijd.
“Het is sowieso een derby, en derby’s kosten altijd punten,” legt hij uit. “Ik
vond het in eerdere duels van beide ploegen een matige wedstrijd, zowel aan de
bal als zonder bal.”
Volgens de trainer komt dat door de druk die op zo’n
wedstrijd staat. “Er komt veel druk bij kijken en dan gaan spelers zich anders
gedragen. Vaak worden dit soort wedstrijden beslist door individuele
kwaliteiten.”