Van 2 tot en met 6
juni is het tijd voor alweer de tweede editie van de Week van de Natuur voor
het basisonderwijs.
In de provincie
Zuid-Holland doen 144 basisscholen en kinderopvangcentra en zo'n 5700 kinderen
mee. De Week van de Natuur is een initiatief van IVN Natuureducatie. De week staat
dit jaar in het teken van het werven van natuurvrijwilligers voor de
basisschool. Leerkrachten geven namelijk aan dat ze handen en vaardigheden
tekortkomen om buiten meer les te geven over de natuur. Ze zitten te springen
om hulptroepen. “Een bladluisouder moet net zo gewoon worden als de
luizenmoeder”, stelt IVN-programmamanager Vincent van der Veen.
Landelijk doen
ongeveer 900 basisscholen en kinderopvangcentra en zo'n 32.000 kinderen mee aan
de Week van de Natuur. Zij leren deze week van alles over biodiversiteit.
Meer dan leuk
IVN wil dit jaar echter
meer bereiken dan alleen een leuke, leerzame week voor kinderen. Om ervoor te
zorgen dat leerlingen in de toekomst nog meer over de natuur kunnen ontdekken,
wordt volop ingezet op het werven van natuurvrijwilligers. Uit recent onderzoek
door DUO blijkt namelijk dat veel leerkrachten wel vaker met hun klas naar
buiten zouden willen om natuureducatie te geven. Hiervoor missen ze echter de
juiste ondersteuning.
Deelnemende
basisscholen gaan daarom flyeren om zoveel mogelijk ouders, opa’s en oma’s en
andere enthousiastelingen als natuurvrijwilliger te werven. Zij kunnen bijvoorbeeld
helpen met een uurtje buitenles of schooltuinieren.