In de afgelopen jaren hebben alle in Nederland voorkomende
nachtvlinders een Nederlandse naam gekregen.
Sommige namen worden al meer dan honderd jaar gebruikt,
zoals die van de huismoeder. De microvlinders hebben pas in deze eeuw
Nederlandse namen gekregen. Er waren eveneens meerdere soortenlijsten in
omloop, ook daar komt nu verandering in.
Een aantal Nederlandse namen van nachtvlinders blijkt
verkeerd gekozen. Ze verwijzen bijvoorbeeld naar een verkeerde voedselplant, ze
indiceren een kenmerk wat geen determinatiekenmerk is of ze refereren aan een bepaalde
provincie of streek, terwijl de betreffende vlindersoort ook op veel andere
plekken voorkomt. Tymo Muus kwam erachter tijdens het schrijven van zijn nieuwe
boek over de microvlinders van de Benelux.
Geen 'taxusspikkelspanner' meer
Vanuit de Werkgroep VlinderFaunistiek (
WVF) is een werkgroep samengesteld met, vanuit de
Nederlandse Entomologische Vereniging (
NEV)
en De Vlinderstichting, een aantal leden uit de
sectie Ter Haar (macronachtvlinders)
en de
sectie
Snellen (microvlinders). Vanuit twee Vlaamse organisaties sloten Wim
Veraghtert (
Natuurpunt)
en Steve Wullaert (
Werkgroep
Bladmineerders) aan.
Met input van de leden van de secties heeft de werkgroep
afgelopen winter alle Nederlandse vlindernamen bediscussieerd en deels herzien.
Dit heeft geleid tot een nieuwe namenlijst met meerdere wijzigingen. Onder
andere voor wat bekende namen, zoals de moerasgrasmot of de
taxusspikkelspanner.
Nieuwe namen oefenen
De volledige namenlijst, inclusief alle wijzigingen, wordt
in het najaar gepubliceerd, samen met de komst van het boek van Tymo Muus. Op
Waarneming.nl, Waarnemingen.be, Werkgroep
Bladmineerders en het
Meetnet nachtvlinders zijn of worden de namen al
aangepast. Het aanpassen van enkele namen zal misschien wennen zijn, maar de
wijzigingen zijn zeker een verbetering ten opzichte van de foutieve, oude
namen.